← Terug naar kennisbank

COPD: ademhaling, energie en betekenisvol leven

Gepubliceerd: 2024-06-26 · 6 min leestijd
!
In het kort

Bij COPD ontstaat een spiraal: benauwdheid leidt tot vermijden, vermijden leidt tot deconditionering, deconditionering verergert benauwdheid. De ergotherapeut doorbreekt die spiraal op het niveau van betekenisvol handelen.

Niet meer kunnen ademen is angstig. Niet meer mogen leven omdat je bang bent voor ademnood is erger.
1

De cyclus van vermijden

Een trap waar je benauwd op wordt, ga je liever niet meer op. Boodschappen die je doen hijgen, laat je doen. Een hobby die uithoudingsvermogen vraagt, vervalt. Het lichaam went aan minder activiteit, de tolerantie daalt, en handelingen die vorig jaar nog gingen, gaan nu niet meer. Dit proces is omkeerbaar — mits gericht aangepakt.

2

Energiemanagement met ademhaling

3

De rol van angst

Bij COPD is dyspneu vaak gekoppeld aan paniek. Een aanval van benauwdheid voelt levensbedreigend, ook als hij dat niet is. Cognitieve handvatten ("dit gaat over, ik adem nu rustig uit"), gecombineerd met fysieke technieken, helpen meer dan alleen lichamelijke training.

Belangrijk: exacerbaties (verergering met infectie, kortademigheid, sputum) horen vroeg herkend en behandeld. Een actieplan bij exacerbatie hoort in elke behandeling thuis.

4

Multidisciplinair denken

De fysiotherapeut werkt aan ademspierfunctie en algemene conditie, de longarts en POH aan medicatie en monitoring, de diëtist bij ondervoeding (komt vaker voor dan gedacht), de logopedist bij ademspraakkoppeling en hoest. De ergotherapeut zorgt dat alles wat geleerd wordt, ook in de woonkamer, keuken en op straat werkt.