Een eigen praktijk starten: wat je wanneer moet regelen
De vraag is zelden wát je moet regelen, maar wanneer. Je startdatum wordt namelijk niet bepaald door wanneer jij er klaar voor bent, maar door de traagste aanvraag in de rij.
De meeste informatie over het starten van een eigen praktijk is geordend per onderwerp: hier de belastingen, daar de verzekeringen, verderop de contracten. Prima om iets in op te zoeken, maar het beantwoordt de vraag niet waar je als starter echt mee zit. Die vraag is niet wat moet ik regelen, maar wanneer.
Want je startdatum wordt niet bepaald door wanneer jij er klaar voor bent. Hij wordt bepaald door de traagste aanvraag in de rij.
De twee deadlines die je startdatum vastleggen
Je AGB-code. Je hebt er twee nodig: een persoonlijke code en een praktijkcode. Zonder AGB-code kun je niet declareren bij een zorgverzekeraar. Houd rekening met een verwerkingstijd die kan oplopen tot zes weken. En pas als die code er is, kun je je aansluiten bij VECOZO, waar het declaratieverkeer met verzekeraars en gemeenten langsgaat.
De inschrijfperiode van de zorgverzekeraars. Verzekeraars hanteren vaste periodes waarin je je kunt inschrijven voor het volgende contractjaar. Mis je die, dan wacht je in het slechtste geval een jaar. Dit is de enige deadline in het hele traject die je niet kunt inhalen door harder te werken.
Zet die twee als eerste in je agenda en reken vanaf daar terug. Alles wat verder komt kijken, van je werkplek tot je website, is te versnellen. Deze twee niet.
Drie routes, en ze zijn geen van drieën fout
Vanaf nul beginnen geeft je volledige vrijheid in doelgroep, werkwijze en tempo, en de investering blijft laag als je klein start. Het kost je tijd: je bouwt je verwijzersnetwerk vanaf niets op terwijl je vaste lasten al doorlopen.
Een praktijk overnemen levert je vanaf dag één cliënten, verwijzers en lopende contracten op. Je koopt er ook dingen bij die je liever niet had: verouderde dossiers, een softwarecontract met een lange opzegtermijn, en een manier van werken die niet de jouwe is. Kijk bij een overname vooral naar het cliëntenbestand, want dat bepaalt de omzet die je koopt.
Eerst naast je loondienst is de rustigste route. Je houdt inkomen terwijl je opbouwt. Het risico is dat je praktijk structureel de restjes van je week krijgt en daardoor nooit echt op gang komt. Zet daarom vooraf een datum in je agenda waarop je beslist: uitbreiden of stoppen.
De rekensom die de meeste plannen maakt of breekt
Er is één fout die bijna iedereen maakt: je nieuwe uurtarief vergelijken met je oude bruto-uurloon. Dat is geen eerlijke vergelijking. Uit jouw uurtarief moet namelijk ook betaald worden wat je werkgever nu betaalt: werkgeverslasten, vakantiegeld, pensioen, doorbetaling bij ziekte, scholing, én alle uren waarop je niet behandelt.
Die laatste post wordt structureel onderschat. Niet declarabel zijn: verslaglegging buiten de behandeling om, multidisciplinair overleg, reistijd tussen huisbezoeken, facturatie en declaratiecontrole, mailen met verwijzers, scholing en acquisitie. Voor een eerstelijnspraktijk is 50 tot 65 procent declarabel realistisch. Reken je met 80 procent, dan reken je jezelf rijk.
Tel daar bij op dat je als ondernemer geen doorbetaalde vakantie meer hebt. Vier tot acht weken per jaar zonder omzet is geen uitzondering maar de norm, en dat is de post die het vaakst vergeten wordt.
Reken het door met je eigen cijfers
We hebben twee gratis rekenhulpen online gezet die je zonder account kunt gebruiken.
Met de uurtarief-calculator reken je terug vanaf wat je netto wilt overhouden. Je vult je gewenste inkomen, je dagen, je declarabele percentage en je vaste lasten in, en ziet meteen welk uurtarief daarbij hoort en of dat haalbaar is binnen wat er in de eerste lijn gebruikelijk is.
Met de startplanner kies je je beroepsgroep en de datum waarop je open wilt. Je krijgt dan per stap terug wanneer je daar uiterlijk mee moet beginnen, met de doorlooptijd erbij, en je kunt afvinken wat al geregeld is.
Waar het na de start op vastloopt
Twee dingen komen steeds terug bij mensen die net begonnen zijn.
Het eerste is dat verwijzers belangrijker blijken dan de website. De meeste cliënten komen via iemand anders binnen: de huisarts, het wijkteam, een collega uit een andere discipline, de thuiszorg. Een verwijzer die na afloop een korte, leesbare rapportage krijgt, verwijst een tweede keer. Eén die nooit meer iets hoort, niet.
Het tweede is de belasting. Zet vanaf je eerste factuur een vast percentage van elke binnenkomende euro op een aparte rekening. De eerste echte aanslag komt later dan je denkt en is hoger dan je hoopt.
Geldt dit ook voor andere paramedici?
Grotendeels wel. Logopedisten, diëtisten, oefentherapeuten, huidtherapeuten en podotherapeuten lopen dezelfde route: KvK, AGB-code, VECOZO, kwaliteitsregister, verzekeringen, contracten. Wat verschilt is je beroepsvereniging en de scholing die verzekeraars vragen voor directe toegang. In de startplanner kies je daarom je eigen beroepsgroep.